Patat van Japie

Het is avond en we gaan eten, maar er staat niets op tafel.

“Waar is het eten?” vragen we.

“Dat moet nog gehaald worden,” zegt ma. “Ik ga een briefje maken,” zegt ze en begint te glimlachen.

patat van japie

“We eten patat van Japie,” raad ik.

“Ja en jij en je broer mogen het halen. Het moet wel op de pof.”

Met het briefje gaan we naar de patatzaak. Als we er aankomen staat de kruising vol met mensen. Ze staan allemaal op hun beurt te wachten.

“Blijf jij hier maar staan,” zegt Henk. “Meneer, mag ik er even langs? Mijn vader staat in de zaak en ik moet bij hem komen.”

“Natuurlijk jongen. Hallo, laat die jongen er eens door, hij moet naar zijn vader.”

In korte tijd zijn we terug met een grote tas vol patat en kroketten en nog veel meer.

“Morgen mag je weer,” zegt ma.

Na drie dagen patat vinden we het wel weer genoeg.

“Jammer, maar anders heb je niets,” zegt ma. Dus we gaan maar weer op pad. Na vijf dagen kunnen we echt geen patat meer zien. Maar er is niets anders, ook geen brood.

“Wees blij dat je nog wat te eten hebt,” zegt ma geïrriteerd en loopt naar de keuken. We zwijgen.

“Die rotvent maakt alles op, het enige wat hij kan is naar de kroeg gaan en al het geld erdoorheen jagen,” horen we haar schelden. Wanneer pa thuiskomt doet hij of er niets aan de hand is.

Inmiddels hebben we al een paar dagen geen eten gehad. Als ik langs de patatzaak van Japie loop, roept hij me naar binnen: “Hé, kom jij eens hier. Waarom komen jullie niet meer?”

“Omdat ma geen geld heeft en ze moet nog rekeningen betalen.” Ik houd mijn hoofd naar beneden van schaamte.

“Rekeningen? Hoe kom je daar nou bij? Je moeder heeft alles betaald.”

“U vergist zich,” zeg ik.

“Vooruit, ik ga kijken. Kom even binnen, dan zoeken we het samen uit.”

Hij pakt een paar rekeningen en zegt: “Ik heb er een paar gevonden maar die zijn allang betaald, ik gooi ze meteen weg.”

Hij verscheurt ze. “Zo, en nu naar huis om een briefje te halen. Dan zie ik je dadelijk terug, oké? O wacht even, dan kan je proeven of het ijs gelukt is en of de slagroom goed is!”

Even later loop ik met een ijsje met slagroom naar huis. Daar vertel ik wat er is gebeurd.

“Die vent is gek,” zegt ma, “Ik heb niets betaald. Heeft hij echt die rekeningen weggegooid?”

“Ja ma, ik heb het zelf gezien.”

Dan pakt ze een pen en een stukje papier van een envelop en begint te schrijven. Even later sta ik weer in de zaak. Dankzij Japie hebben we nu toch maar weer te eten. Ook al is het weer patat.

Later ontdek ik dat Jaap dit voor meer mensen doet. Iedereen kent hem. Mensen zonder geld komen zelfs uit andere wijken om wat te poffen. Als de kinderbijslag binnen is, lossen ze het weer af. Mijn moeder geeft het geld dan mee aan mijn oudste broer.

9 gedachten over “Patat van Japie”

  1. Maar wel weer een leuk verhaal om te lezen. Ik heb dit verhaal wel vaker gehoord, als er weer een oude herinneringen werden opgehaald. Geweldig om weer terug te lezen 😉

  2. Ik vind je verhalen erg leuk on te lezen.
    Alleen jij als schrijver heeft een beeld bij het verhaal en ik niet. Ik mis dus een stukje details. Vertel hoe de man eruit zag. En als je de patattent binnen loop hoe het er daar uit zag.
    Dat zou ik als lezer erg leuk vinden om te weten.

    Maar ik ben fan gr patricia xxx

  3. Waaw ik vind het allemaal zo knap. Ik kan het me allemaal niet voorstellen! Gelukkig bestaan er goede mensen zo als de man van de patatzaak

  4. Zo je moeder was er een uit duizend. Wij hadden er ook zo een . Waren zussen ik herken heel veel hier in . Bij ons ging het altijd iets anders maar zo herken baar .Heel leuk om te lezen . Groetjes

  5. Helemaal waar jaap was een gouden vent met een goed hart. Ik kan mij de dat nog goed herineren. S,avonds effe friet halen in de mariastraat. Mooi geschreven Koos

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.