Geheim

geheimMijn vader vraagt of ik de schuur wil opruimen, dan krijg ik een gulden. Ons huis heeft een grote tuin. Zoals in veel  oude huizen spookt het ook bij ons, geen vriendje die bij ons durft te slapen. Sterker nog, mijn vrienden en die van mijn broers blijven buiten staan. Ze komen niet naar binnen! Wat niemand weet, is dat ons huis een verleden heeft. De vorige bewoners hebben spoken opgeroepen. Er verdwijnt bijvoorbeeld van alles. Soms is het alleen een sok, maar soms verdwijnen er ook sieraden. Dat kan binnen een enkele seconde gebeuren. Gisteren was ik nog een  nieuwe sok kwijt. Niemand had hem gezien.

Mijn moeder roept al sinds we er wonen dat het spookt. Wat moeten ze dan met mijn sok, daar hebben ze toch niets aan, denk ik. Dan kom ik op het idee om  gewoon  mijn sok terug te vragen, ik lijk wel gek! Toch vraag ik het: ‘Wie heeft mijn sok heeft geleend? Mag ik hem terug?’

Op dat moment zie ik mijn sok liggen. Verbaasd zeg ik het tegen mijn moeder.

‘Fantast’, zegt ze en loopt lachend de keuken in. Dat lachje herken ik. Ik weet dat ze bang is dat ze gelijk heeft. Dat het hier echt spookt! Ik wil het zeker weten en vraag: ‘Mag ik ook de ring van mijn moeder terug?’

Een uur later vind ik de ring van mijn moeder op precies dezelfde plek als waar ik mijn sok vond. Nu lach ik en roep naar mijn moeder: ‘Ik heb je ring teruggekregen!’ Ze gelooft het niet en loopt weg. Ik moet erom lachen toch voelt het heel vreemd. Er is iets, wat je niet kan zien.

Als mijn vader thuiskomt vertel ik hem wat er is gebeurd. Het antwoord is precies hetzelfde: ik heb te veel fantasie. ‘Help me maar met de schuur opruimen, daar heb ik veel meer aan. Jij kan tenminste nog ergens bij komen. Als je het goed doet, krijg je een gulden.’ Een gulden! Dan ben ik rijk. Met een gulden kan ik een hoop  kopen.

Als ik in de schuur kom zie ik hoeveel rommel er ligt. Mijn vader legt uit hoe het moet gebeuren en wat ik allemaal moet doen. ‘Teveel om te onthouden hoor pa!’ Daarom helpt hij zelf ook mee. Maar na een uurtje laat hij me alleen.

Er staat een grote houten kist. Hij staat  in de weg  en ik wil hem opzij slepen. Hij is loodzwaar, maar het lukt me toch. Wat zou erin zitten? Er hangt een groot slot aan. Opeens voel ik een wind langs mijn gezicht. Het komt achter een kast vandaan. Als ik ga kijken zie ik een kleine deur. Ik wist niet dat er daar een deur zat. Voorzichtig duw ik ertegen en steek voorzichtig mijn hoofd erdoorheen. Ik zie een tuin. Helemaal overwoekerd met de mooiste bloemen die ik ooit gezien heb. Met open mond loop ik de tuin in. Voorzichtig  loop ik langs de brandnetels en zie een geweldige rozenstruik. Wat een heerlijke geur komt ervanaf. Dan zie ik een jongen achterin de tuin.

‘Hoe heet jij? Wat kom je hier doen?’ vraagt hij.

‘Eh, ik ben Koos. Ik vond een deur achter de kast en ik wilde weten waar die uitkwam. Ik ga wel weer hoor. Ik moet de schuur van mijn vader opruimen.’

‘Mag ik je helpen? Ik heet Joris.’

Joris loopt mee terug door het deurtje de schuur in. Al gauw zijn we druk bezig met het opruimen. Joris ziet de kist met het grote hangslot: ‘Wat zou er in zitten?’

Ik kijk rond of er ergens een sleuteltje is te vinden.

‘Zal ik even kijken of ik hem open kan maken voor je?’ vraag Joris. Hij pakt een draadje en begin er mee in het slot te friemelen. Het slot springt open. Als we het deksel openen zie we allemaal oude landkaarten waar op getekend is. Ik snap er niets van maar Joris  zegt dat het kaarten zijn die naar plaatsen leiden die waarschijnlijk geheim zijn. Dit moeten we uitzoeken! Maar eerst alles opruimen.

‘Doe hem maar gauw weer op slot, anders komen we nog in de problemen’, zeg ik.

Gauw gaan we verder en voor we het weten is de hele schuur aan kant. Joris vraagt of ik de deur die naar de tuin leidt geheim wil houden. Ik hou van geheimen! We spreken af voor de volgende dag. Dan vertrekt hij en sta ik alleen in een opgeruimde schuur. Zonder de hulp van Joris was het nooit zo goed ingedeeld.

Ik haal mijn vader hij kijkt zijn ogen uit: ‘Hoe heb je hem dat geflikt?’ Hij kijkt me vertwijfeld aan en pakt zijn portemonnee. Ik krijg een rijksdaalder. ‘Omdat je het zo goed heb gedaan.’

Zo trots als een aap ga ik naar binnen. Onder het eten vertel  ik mijn moeder dat ik een rijksdaalder heb gekregen voor het opruimen van de schuur. Zoals beloofd zeg ik niets over mijn nieuwe vriend en de geheime deur. Mijn vader knikt. Ik grijp mijn kans en vraag aan mijn vader wat hij ermee van plan is. ‘Die moet ik weg gooien. Ik heb er niets aan  dan ruimteverlies. De vorige bewoners hebben hem achtergelaten. Ik weet niet eens wat erin zit.’

‘Mag ik hem dan hebben om wat spullen in te doen?’

Hij kijkt me vragend aan en zegt dan: ‘Maar hou het wel netjes  anders is het zo afgelopen.’

Dat beloof ik. Wat een geluk heb ik vandaag toch.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.