De kunst van het vliegen als je droomt

de kunst van het vliegenJoris en ik zijn goede vrienden geworden. Dat is fijn, want voor de rest heb ik niemand. Ook mijn broers niet; Cor is vijf jaar ouder dan ik en Henk is bijna twee jaar ouder. Zij vinden mij de laatste tijd te klein, dus mag ik haast nooit mee. Gelukkig kan ik nu met Joris praten. Lees verder De kunst van het vliegen als je droomt

Mijn zusje Bertha en ik

Na het eten gaat mijn moeder op visite bij oma en opa. Dat biedt kansen om buiten te spelen, wat niet vaak voorkomt om 7 uur in de avond. We spelen bordjesbal, dit keer ben ik de sigaar, de bal wordt gegooid. Snel rennen de kinderen een kant op, als je op een putdeksel van de goot staat, ben je vrij. Voor ze erop komen moet ik ze eraf zien te gooien. Lees verder Mijn zusje Bertha en ik

Beer

Opeens is hij er, zacht, groot met zwarte ogen. Ik ben nog geen twee en ik heb een beer gekregen van mijn moeder. Ik vertel hem al mijn geheimen ‘s avonds in bed.  Dat doe ik zo zacht mogelijk; niemand mag het horen. Bij mijn beer voel ik me oneindig veilig, hij is mijn allerbeste vriend. Lees verder Beer